Het oorlogsdagboek van Bernard Keuzenkamp



Bernard Heinrich Keuzenkamp werd geboren op 18 sept. 1910 in Altlünen (D), trouwde op 3 juni in Schinveld met Maria Katharina Beumers en overleed op 30 sept. 1966 in Schinveld.
Hij was ondergronds mijnwerker op de SM Hendrik en algemeen bekend als een aimabel, sociaal en cultureel bewogen persoon.
Van januari 1940 tot en met augustus 1945 hield hij een persoonlijk dagboek bij, waarin hij een nauwkeurige weergave doet van de oorlogsgebeurtenissen in zijn woonplaats Schinveld.
Misschien is dit wel het enige plaatselijke verslag over deze bange periode.

De foto hiernaast is gemaakt omstreeks 1949 bij gelegenheid van de zilveren bruiloft van de familie Hansen - Janssen op de Kloosterlaan. Bernard is de persoon rechts.
Verder staan op deze foto de meisjes Annie Jacobs en Lucie Jacobs (vlnr)
De heren daarachter zijn Buijsers (met uniformpet), Arnold Thissen (de Bruujer) met gleufhoed, Simon Sip en Thei Peeters.




7 januari 1940
Naar de bioscoop geweest

!0 januari 1940
Overgewerkt.

13 en 15 januari 1940
Verlof gehad

1 februari 1940.
Pijler is dichtgegaan (ingestort). Moet weer opnieuw opengemaakt worden.

3, 4, 5, 6 en 7 februari 1940
Aan de instorting gewerkt. Er zijn stenen gevallen zo dik als een huis.

8 februari 1940.
Ziekenkaart gehaald. Pijn in de rug en buik.
Ik ben erg bang geworden om ondergronds te gaan werken. Ik meen altijd dat alles boven mij instort. In bed durf ik niet op mijn rug te gaan liggen, meen dat het plafond boven op mij valt.

10 februari 1940
Vandaag is moeder weer opgenomen in het ziekenhuis.

11 februari 1940
Vandaag bovengronds gaan werken. Ben in de constructie werkpaats

3 maart 1940
Samen met Emma, De Berg (Bouwbergstraat) opgeweest. Vader had verjaardag gehad.

11 maart 1940
In Heerlen op controle geweest. Mag nog 1 maand bovengronds blijven.

19 maart 1940
Nieuwe fiets gekocht. Merk Gazelle. Kostte 70 gulden.

1 april 1940
Vandaag weer de eerste dienst ondergronds gemaakt. Afd. U, laag XIII in de 4de Zuid-Oost.

2 april 1940
Met een machinist naar de Feldbiss geweest, in de 1ste Zuid-Oost.

3 april 1940
Naar afd. R. in laag V geweest. Moest anderhalf uur lopen.

5 april 1940
Afd. P. laag III 1ste Noord-West. Neerbraak nr 229. Oud ijzer opgedaan.

6 april 1940
Naar de 4de Zuid-Oost. Verdieping 537 aan het materiaal.

9 april 1940. Bij Lina (zus) geweest, die had verjaardag.

18 en 19 april 1940.
Ziek geweest en verlof genomen.

20 april 1940
Afd. K. opbraak nr 210. In de helling veiligheidsboom opgehangen.

22 april 1940
Vandaag, voor het eerst dit jaar, de koekkoek gehoord.

27 april 1940
Verlof gehad. Emma was ziek.

29 april 1940.
Uien en prei gezaaid. Ook sjalotten gepoot.

vrijdag, 10 mei 1940
Deze dag zal ik niet gauw vergeten want wat ik al lang verwacht had, gebeurde vandaag. Het Duitse leger is Nederland binnengevallen en Nederland heeft Duitsland den oorlog verklaard.
Om 4 uur 's morgens kwam mijn zwager Felix bij ons op de kamer en zei: ”Bernard sta eens op, de hele lucht is vol vliegtuigen.”
Ik sprong direct op en keek uit het venster, 't was nog schemerduister, ik zag niets van vliegtuigen, wel hoorde ik vliegtuigen ronken.
Felix was weer naar zijn kamer gegaan en ik kroop ook weer gauw in het bed. ”Och,” zei ik tegen Emma; ”Dat zijn Engelsen, die terugkomen van Duitsland” en ging weer slapen.
Na een kwartier werd ik weer wakker door een geweldig gebrom, ik sprong uit het bed en keek weer uit het raam. In het begin zag ik niks maar na een kort poosje zag ik vliegtuigen; en hoe langer ik keek, hoe meer zag ik er. De hele lucht was vol vliegtuigen, waar je maar keek. Er kwamen er al weer terug ook. Toen drong het tot me door dat het Duitse vliegtuigen waren en dat ze ons aanvielen.
”Blijf maar even liggen,” zei ik tegen Emma: ”Ik ga gauw de radio aanzetten om eens te horen wat los is.”
Gehaast zette ik Hilversum op en jawel hoor, daar hoorde ik wat ik al gevreesd had. ”Vliegtuigen boven Haarlem op 800 meter. Honderd vlieguigen boven Den Helder op 300 meter. Opgepast in Rotterdam, er springen parachutisten omlaag,” enzovoorts.
Ik ging naar boven en zei tegen Emma: ”Nu Emma, het is zover!” en plosteling ratelde er een mitrailleur in Schinveld. Ik dacht, daar zul je het hebben.
Emma was in een sprong uit het bed, zo wit als een laken. Ik zelf was ook erg zenuwachtig, maar ik hield me kalm voor Emma. Ik kleedde me kalm aan en samen gingen we naar beneden. Op straat stonden alle mensen uit de buurt opgewonden te praten.
Eensklaps kwam er een troep militairen op de fiets voorbij gerend. Het waren Nederlandse die vluchtten. Toen riep Emma: ”Bernard, kom eens hier achter kijken!”
Ik liep vlug naar achteren de tuin in en daar zag ik de Duitsers optrekken. Infanterie, cavallerie, auto's, pantserwagens, motorrijders en vrachtwagens. Het bleef maar komen, zonder einde.
Ik ging naar binnen, maakte het vuur aan, zette koffie op en braadde een paar stukken spek, sneed brood af en ging toen Emma, Felix en Jozef halen om te eten. Maar niemand at een stuk. Wel dronken ze een kom hete koffie want het was erg koud. Ik zelf kon ook niet eten maar dwong me toch een snee brood met en stukje spek naar binnen te wurgen, want ik dacht : "Het kan je nog van pas komen!”
Om vijf uur 's morgens kwam André bij ons, een en al opgewonden. Hij vertelde me: ”Om drie werd ik wakker. Ik hoorde onder mijn raam praten. Ik luisterde scherp en ik meende dat 't Duits was. Ik sprong uit mijn bed en keek naar buiten. Onder de lantaarnpaal stonden drie Duitse soldaten met een kaart in de hand. Ik ging naar vader en zei: De Duitsers zijn hier. "Je bent gek," zei hij, maar stond toch op en maakte het raam open. Een van de soldaten had het gehoord en keek naar boven en vroeg in het Duits de weg naar Brunssum. ”Zoek je dat maar zelf uit, Godverdomme !” zei hij en sloeg het raam dicht. Ik beefde van angst, maar er gebeurde niets. Toen begonnen de Duitsers te komen en ze zijn nog altijd aan het voorbij trekken.”
André dronk ook een kom koffie, eten wilde hij niet, had ook geen honger. Toen ging hij weer naar huis.
Ik ging een winkel in, me twee pakken tabak kopen en maakte me gereed om naar de mijn te gaan, om geld te gaan halen, want het was loondag. Op weg naar de mijn stonden overal groepjes mensen te praten en onderwijl reden maar auto's met materiaal en soldaten voorbij. Op weg naar huis ging ik in de winkel van Vromen in Brunssum een rammelaar voor Annie kopen.
Thuis was alles nog hetzelfde, allemaal even opgewonden. Ik zei tegen Emma: ”Trek je wat fatsoenlijks aan, dan gaan we eens De Berg op, kijken naar het voorbij marcheren van de Duitsers.” Het was prachtig weer geworden en hoog in de lucht raasden de vliegtuigen heen en weer. Er waren van alle typen, jagers, gevechtsvligtuigen, bommenwerpers en transportvliegtuigen. Verkenningsvliegtuigen, die haast stil in de lucht stonden.
Op De Berg raasde de ene vrachtwagen na de andere voorbij. We stonden er nauwelijks toen er een Duitse motorrijder onder een vrachtwagen kwam. Hij brak allebei zijn benen. Mijn zuster Lina en ik legden hem bij moeder op 't trottoir, want alle mensen liepen gillend weg. Na een tijdje kwam er een Rode Kruis auto en verder ging het alweer. We bleven nog een tijdje staan en toen gingen Emma, Annie en ik maar weer naar huis, want ik voelde me niks op mijn gemak. Uiterlijk was ik kalm maar van binnen was ik een en al zenuwen. Op zo'n moment hecht men geen waarde meer aan aardse goederen, ik dacht: ”Alles kunnen ze van me hebben, als maar niets met Emma en Annie gebeurt.”
Later heb ik in de tuin onder de perenboom gezeten en maar gekeken naar de vliegtuigen. Opeens maakte zich een razende woede van me meester, ik balde mijn vuisten naar de hemel en zei: ”Had ik maar de kracht, dan liet ik jullie allemaal te pletter vallen ... !”
Na en tijdje werd ik kalm en ging weer onder de perenboom zitten en luisterde naar het verre gebulder van het geschut.
Om zes uur 's avonds hoorde ik dat de eerste van Schinveld gesneuveld was. Het was Jan Mevis, hij was 21 jaar.
Toen het donker werd kwamen er geen vliegtuigen meer, maar wel reden er nog altijd vrachtwagens met materiaal en soldaten voorbij. Om elf uur gingen we eindelijk totaal uitgeput naar bed en vroegen ons angstig af wat de dag van morgen ons brengen zou.

zaterdag, 11 mei 1940
Ben 's mogens weer gaan werken.
Toen ik naar de mijn reed, reden nog altijd auto's met soldaten en materiaal voorbij.

zaterdag, 1 juni 1940
Feiersjicht (onbetaald, verplichte, vrije dag) gehad.

zaterdag, 8 juni 1940
Was weer een Feiersjicht opgelegd.
Heb voor Annie een hobbelpaard gekocht.

11 juni 1940
Italië heeft aan Engeland en Frankrijk de oorlog verklaard.

13 juni 1940
Een varken en nieuwe mijnschoenen gekocht.

13 augustus 1940
Tante Rika, Willie en zijn verloofde zijn bij ons geweest.

24 september 1940
Ziek geweest, heb niet gewerkt.

25 september 1940
Nog altjd ziek, niet gewerkt.

26 september 1940
Vandaag de ziekenkaart gehaald.

13 oktober 1940.
Vannacht is een geweldige storm geweest. Nog nooit zo iets meegemaakt.

30 oktober 1940
Weer begonnen te werken in afd. G.

zondag, 9 december 1940
Vannacht om kwart voor een is Jantje geboren !
Zondagavond om 6 uur kwamen vader, moeder, André en Martha naar ons. We hadden eerst een tijdje gezellig gepraat, daarna gingen we avondeten. Daarna hebben we gekaart, we deden hartenjagen. 't Was erg gezellig. Om elf uur gingen ze allemaal naar huis. Toen zei Emma tegen mij: ”Bernhard, ik geloof dat het vannacht wat wordt.” Ik schrok, want morgen zou ik het kacheltje boven zetten en alles gereed maken omdat ik het niet eerder dan kerstmis verwachtte. We aten nog wat en gingen toen naar bed.
We lagen nog geen half uur in bed, toen Emma tegen me zei, dat ik maar gauw naar de vroedvrouw moest gaan. Ik kleedde me haastig aan en ging er op uit. De juffrouw zei dat ze dadelijk kwam en na een kwartier was ze er ook al. Nog een kwartier later was de stamhouder al aan het schreeuwen. Gelukkig was alles vlug verlopen.
Wat was ik blij, want ik ben zo gek met kinderen en ook was ik blij dat Emma er zo snel vanaf was.
Ik zette een lekkere kop koffe, we dronken die op en gingen weer naar bed.
De volgende morgen, om half zeven was ik al bij moeder thuis om haar het nieuws mede te delen. Ze wilde het niet geloven en André ook niet. ”Als jullie nog een poosje waren gebleven, had Jantje mee kunnen kaarten” zei ik.

6 april 1941
Duitsland is Joegoslavië en Griekenland binnengerukt.

31 juli 1941.
Ergens in de omgeving is een hevig bombardement geweest.
't Was ongeveer half twee vannacht toen Emma me wakker maakte en zei: ”Bernard luister eens, wat er veel vliegtuigen in de lucht zijn.” Nou, 't was een gebrom om er akelig van te worden. Ik stond op en ging eens in het raam liggen, maar er was niets te zien maar wel veel te horen. Ik kroop weer in bed en zei ten Emma: ”Slaap maar weer, want ze trekken over.” Nauwelijks had ik het gezegd of de gehele kamer werd verlicht. De Engelsen hadden een lichtkegel ontstoken. Ik stond weer op om te kijken waar hij hing, maar uit onze kamer kon ik hem niet zien. Ik ging in de kamer ernaast maar daar zag ik hem ook niet. Dus stond hij vlak boven ons huis ! Nou begon ik het ook wat benauwd te krijgen. Juist toen ik weer naar onze kamer wilde gaan, hoorde ik een fluitend geluid. Daar valt een bom, dacht ik en instinctief liet ik me vallen. Direct daarna een slag dat alles rammelde en schudde. Vlug liep ik naar onze kamer. Emma had Jantje al gepakt en jammerde: ”Wat moeten we doen, Bernard?” Ik zei: ”Laten we de kinderen maar pakken en naar beneden gaan!” We legden Annie en Jantje op een kussen onder de tafel en stonden ons maar wat aan te kijken onderwijl luisterend of we het weer hoorden fluiten.
Na een tijdje maakte ik de kachel aan en zette thee. De sirenes loeiden aanhoudend en dat maakte mij nog angstiger dan de vliegtuigen, die onafgebroken over ons dorp ronkten. Af en toe klonk er een ontploffing waarvan de muren schudden. Nou, dacht ik, dit zal wel onze laatste nacht hier zijn. Toch was ik heel kalm.
Zo hebben we twee lange uren gezeten, toen werd het kalmer en om vier uur bliezen de sirenes dat alles veilig was. Ik bracht de kinderen naar boven en ging weer naar beneden want ik had dagdienst. Over een uur moest ik naar de mijn.
Deze nacht zal ik nooit vergeten. De volgende dag hoorde ik dat in Eijgelshoven verscheiden bommen waren gevallen. Zeventien mensen werden gedood, waaronder Netta de Bie met haar kindje.

8 augustus 1941
De kelder gewit en Annie gemeten. Ze meet 86 cm.

dinsdag, 12 augustus 1941.
Verhuist, een flinke rommel.

18 augustus 1941
Jozef en Truus hebben hun eerste kindje gekocht. Het werd geboren om 6 uur na de middag.

29 augustus 194
Een grote wagen hout gekocht.

30 augustus 1941
Vandaag niet gewerkt, Erg ziek geweest.

30 oktober 1941
Het heeft voor de eerste keer gesneeuwd.

5 november 1941
Electrisch scheerapparaat gekocht. fl. 25,30

27 november 1941
Vanavond is een hevig bombardement geweest. De lucht stond vol lichtkegels en op veel plaatsen zijn bommen gevallen. In maastricht zijn 100 huizen vernield en 24 doden te betreuren. Ook vielen er veel gewonden. Ik heb ook angst gehad.

vrijdag, 13 maart 1942
Emma is erg ziek. Ik heb verlof gehad en heb een spuitje gekregen.

14, 15 en 16 maart 1942
Emma moet nog altijd in bed blijven.

maandag, 23 maart 1942
Vandaag hebben ze Emma gehaald en naar het ziekenhuis gebracht.
Annie is bij tante Anna.

dinsdag, 24 maart 1942
Bij Emma geweest. Ze is heel goed.

woensdag, 25 maart 1942
Bij Emma geweest. Alles in orde.

vrijdag, 27 maart 1942
Bij Emma geweest. Alles in orde.

zondag, 29 maart 1942
Met Annie, Mia en Gerda naar Emma geweest. Emma is goed in orde.

maandag, 30 maart 1942
Toen ik vandaag bij Emma kwam, zat Annie al op het bed bij Emma. Felix had haar meegenomen. Alles in orde.

woensdag, 1 april 1942
Bij Emma geweest. Vandaag zag ze er slecht uit, ze wil naar huis, want in het ziekenhuis wordt ze nog zieker, zegt ze.
Nou, ik hoop maar dat ze gauw komt.

donderdag, 2 april 1942
Bij Emma geweest. Ze had prettig nieuws. ”A.s. zaterdag mag ik naar huis,” was het eerste wat ze zei.
Zij is blij, maar ik ook.

vrijdag, 3 april 1942
Vandaag het hele huis van onder tot boven laten schoonmaken. dan kan Emma tenminste nog een paar dagen goed rusten als ze thuis is. Heb zeven eieren geverfd voor de kinderen.

zaterdag, 4 april 1952
Vandaag Emma naar huis gehaald. We zijn allebei erg blij. Eerst zijn we bij Anna aangeweest en hebben daar Annie opgehaald. Daarna hebben we bij Oma, Jantje opgehaald en toen zijn we in optocht naar huis gegaan.
Om een uur 's middags gingen Emma en Jantje naar bed want Emma had pijn in de benen van 't lopen. We moesten immers van Brunssum (eindpunt tram) tot hier lopen.

zondag, 5 april 1942
Eerste Paasdag. Om kwart voor zes opgestaan, 't vuur aangemaakt en daarna na de kerk geweest en gecommuniceerd. Toen ik weer thuis kwam heb ik de koffie klaargemaakt, de tafel mooi versierd en de kinderen naar beneden gehaald. Emma stond toen ook op en we hebben gezellig ontbeten.
's Middags heb ik gekaart met Wen, John, André en Willem.

maandag, 6 april, tweede paasdag
Om half zeven naar de mis geweest en de communie ontvangen. Daarna thuis de koffie klaargemaakt en de kinderen naar beneden gehaald en samen met Emma koffie gedronken met gebraden sjink en eieren. Een weelderig menu in deze dagen.
's Middags hebben we weer gekaart. Daarna kwamen Thei en zijn vrouw Marie met hun vier kinderen een bezoek brengen. Later kwam Sjeng ook nog met vier van zijn negen kinderen. Emma had nog wat echte thee en schonk ons royaal in met een koekje erbij. Voor de kinderen had ik limonade. Oma en Martha kwamen ook nog op bezoek.
Om zeven uur stapten allen op en ik bracht de kinderen naar bed. Toen hebben Emma en ik nog tot tien uur bij de radio gezeten en ervan genoten. We zijn om tien uur naar bed gegaan met de hoop dat deze nacht geen vlieguigen komen want de vorige nacht hebben ze tot half zes 's morgens gevlogen en dan komt niet veel meer van slapen.

dinsdag, 7 april 1942
Niets bijzonders overdag, maar 's nachts zijn we even geschrokken. De Tommies waren aan het vliegen en in Oirsbeek is in een weiland, een bom gevallen. Ik had even tevoren Annie en Jantje bij ons in bed gelegd en toen de ontploffing kwam sprongen de kinderen en Emma een eindje de hoogte in van schrik. Gelukkig is het maar bij die ene bom gebleven.

woensdag, 8 april 1942
Vandaag heb ik de tuin omgespit en de beerput leeggedragen.

donderdag, 9 april 1942
Vanmorgen eerst bij de dokter geweest en kreeg ik weer een spuitje. Dat is de laatste en nu heb ik weer rust tot aan de winter. Anders kreeg ik zes spuiten, maar deze keer heb ik er twaalf gehad.
Vandaag heb ik spinazie, radijsjes, en kropsla gezaaid en ook nog erwten gepoot. Maar het weer is nog altijd slecht en op het ogenblik is het flink aan het stormen.
Even bij Lina geweest en haar gefeliciteerd met haar verjaardag.

zaterdag, 2 mei 1942
Ben op de mijn bevorderd. Moet nu de jongens die pas naar beneden komen, het kolen delven leren. Heb de titel van houwer-instructeur gekregen en dat levert 90 cent per dag meer op. En het bevalt me nog goed ook !

zondag, 17 mei 1942
Vandaag hebben we op de mijn moeten werken als op een gewone werkdag. We kregen daarvoor dubbel loon, 4 ons bonbons, 2 pakjes sigaretten, 1 pond worst en voor 2000 gram broodbonnen. Ook kregen we nog een kom pap.

zondag, 23 mei 1942 1942
Pinksteren. Deze nacht hebben Emma en ik slecht geslapen. Jantje had een dikke zweer op zijn billen en hij huilde de hele nacht van de pijn en lag geen minuut stil. 's Morgens is de zweer opengegaan en Jantje is nou van de pijn af. Ik ben erg blij want ik weet dat zo'n zweer geweldig pijnlijk kan zijn.

In de nacht van zaterdag op zondag 30 mei 1942
Op het ogenblik dat ik hier schrijf is het kwart voor drie 's nachts. Om 12 uur zei ik tegen Emma: ”Kom we gaan naar bed” en juist toen we naar boven wilden gaan hoorden we vliegtuigen ronken. ”We zullen maar eventjes wachten totdat het voorbij is,” zei ik. Maar het schijnt dat er deze nacht geen eind aan komt want het is nog steeds altijd geweldig aan het ronken. Om half twee gingen in Brunssum en omgeving de sirenes en van dat akelige geluid is Annie wakker geworden. Ik heb haar toen naar beneden gehaald. Jantje sliep nog en ik heb hem laten liggen, want het deed me pijn om hem wakker te maken. Als er iets gebeurt ligt hij boven niet gevaarlijker dan wij hier beneden.
Emma en Annie zijn naar bed gegaan, want ze vielen bijna om van de slaap. Ik blijf nog op tot het voorbij is. Was die oorlog maar afgelopen, wat zouden wij allen toch gelukkig zijn. Want ook nu, terwijl ik hier zit te schrijven, verwacht ik elk ogenblik het huilend geluid van een vallende bom en we kunnen nergens naar toe om ons te beschermen. Ze zeggen wel, als je geen schuilkelder hebt, dan zit je binnen nog het veiligst, maar ik vind het toch zo raar om binnen te zitten en af te wachten of er wel of niet wat gebeurt. Ik ben niet zo erg bang uitgevallen maar dat stil zitten en maar afwachten, dat werkt mij op de zenuwen en soms heb ik werkelijk angst.
Het is nu drie uur en het gebrom heeft sterk nagelaten en veraf meen ik te horen dat de sirenes "luchtalarm geëindigd" blazen. Als ik dat hoor dan voel ik me werkelijk opgelucht.
Ja, nu blazen ook de sirenes hier in de buurt alarm geindigd, maar toch zitten er nog altijd vliegtuigen in de lucht. Ik rook nog een pijpje en ga dan ook naar bed.
Net heeft de sirene van Brunssum 't signaal veilig geblazen en ik dank onze Lieve Heer dat hij ons deze nacht weer veilig heeft bewaakt.

zondag, 31 mei 1942
Vandaag sprak iedereen over de afgelopen nacht. Zo iets hebben we dan ook nog nooit meegemaakt. Van half twee tot half drie was 't zo'n gedreun dat deuren en ramen rammelden. Naar ik later hoorde zijn het 1250 vliegtuigen geweest met Keulen tot doel. Wat moeten die arme mensen daar hebben meegemaakt! Ik vind 't verschrikkelijk voor al die kinderen, die in deze nacht zijn omgekomen. Was 't maar afgelopen.

zondag, 7 juni 1942
Vandaag is het kermis, maar het is niet zoals vorige jaren. Emma heeft wel een paar vlaaien gebakken, maar dat is het dan ook. Op de kermis stond ook niet veel. Een kindercaroussel en een Lunapark. Annie is er twee keer op geweest. 's Avonds werd het geweldig koud.

zondag, 14 juni 1942
Het is op dit ogenblik nog altijd slecht weer en koud.

dinsdag, 16 juni 1942
Het heeft gisteren en vandaag de hele dag geregend en ik heb de dikke trui weer aan. Het is geweldig koud en dat op deze tijd van het jaar. Alles loopt verkeerd op deze wereld in deze oorlogsjaren. Anders hadden we altijd volop groenten en nu is er haast niets te krijgen. 's Morgens staan de mensen soms urenlang in de rij voor een groentenzaak om wat groenten te bemachtigen. Dat is nog nooit zo geweest. 't Is maar te hopen dat de oorlog gauw gedaan is want het begint dun te worden. Met de boter moeten we het nu ook weer twee dagen langer doen en het aardappelen rantsoen is ook weer verlaagd. We krijgen op het ogenblik 1,75 kg per man, per week (niet per dag, maar per week).
's Nachts is het betrekkelijk rustig met de vliegtuigen. Ik heb opgemerkt, dat als Duitsland hevig aan het vechten is met Rusland, dan houdt Engeland zich aan deze kant erg stil. Ik weet niet wat ik daarvan denken moet, want Engeland en Rusland zijn toch bongenoten?
Het is nu elf uur en ik ga maar naar bed. het is te hopen dat er vannacht ook geen vliegtuigen komen.
Nu is het half twee en Emma, Annie en ik zitten onder in de keuken, want er zijn weer vliegtuigen in de lucht en in één keer gingen alle sirenes hier in de buurt en nog geen vijf minuten erna klonk er een geweldige knal, waarvan de ramen en deuren rammelden. Het werd plots heel licht in de kamer. Ik stond meteen op en ging bij de kinderen op de kamer aan het raam kijken. In de verte was het heel licht en ik zag rook. Wat dat is weet ik niet. Annie was ook wakker. Ik heb haar goed ingepakt en zijn samen met Emma naar beneden gegaan. Jantje sliep nog en die hebben we maar laten liggen.
Het is nu drie uur en veraf hoor ik nog vliegtuigen heel zwak ronken en het afweer is ook stil.
De volgende dag hoorde ik dat in Trebeek een bom is gevallen, vlak voor de deur van een huis. Van dat huis stortte de hele voorgevel in en twee andere huizen werden beschadigd. Persoonlijke ongelukken zijn er niet voorgevallen.

woensdag, 24 juni 1942
Emma en ik zijn in Brunnsum naar het Circus Bever geweest.Het was mooi. Oma was zolang bij Annie en Jantje gebleven.

zondag, 28 juni 1942
Vandaag, voor het eerst, in de tijd van zestien jaar, vrijwillig op zondag gewerkt. Ik heb het gedaan omdat Annie binnenkort jarig is en graag een grote pop wil, die Mama kan zeggen. Van die zondagsdienst wil ik er haar een kopen.
Op het ogenblik zijn de volgende artikelen op de bon: Brood, beschuit, vlees, tabak, sigaretten, pruimtabak, suiker, jam, bloem, gebak, rijst, peulvruchten, gort, vermicelli, maizena. kaas, melk, chocolade, suikerwerk, koffie-surogaat, boter, vet, zeep, kolen, eieren, petroleum, kleren en aardappelen.

zaterdag, 4 juli 1942
Vandaag heb ik voor Annie een poppenwagen en een grote pop gekocht. Het kostte me 20 gulden, maar ze is er geweldig blij mee. Dat is de hoofdzaak, want de kinderen en Emma zijn mijn alles.

zondag, 5 juli 1952
Vandaag hebben we de eerste hete dag gehad. Jonge, wat was het warm. 's Middags is Sjeng met zin vrouw op bezoek geweest.

woensdag, 8 juli 1942
Deze morgen hebben we vrouw Magnus begraven. Ik heb mee de baar gedragen.

donderdag, 9 juli 1942
Annie is vandaag 3 jaar geworden. Ze heeft van tante Lina een konijntje gekregen. Ik heb 3 pullen (hennen) gekocht. Ze kostten 12 gulden, dat is geweldig duur, maar de mensen zeggen dat ik ze nergens goedkoper zou krijgen.

dinsdag, 21 juli 1942
Het is nu al twee weken aan het regenen en koud alsof het herfst is. Ik heb nog altijd de dikke trui aan. Op het ogenblik dat ik dit schrijf is het twee uur 's nachts. Emma, Annie en Jantje en ik zitten onder in de kamer want de vliegtuigen zijn weer aan de gang. Aanhoudend rammelen de deuren en de ramen van de luchtdruk, maar het is op het ogenblik nog ver weg. Hopelijk dat ze weer gauw veilig blazen want ik voel me niets op mijn gemak.

zaterdag, 1 augustus 1942
Sjeng Nauts en ik zijn vandaag naar Heerlen geweest en hebben twee cadeautjes gekocht voor twee jublilarissen, die volgende week 25 jaar bij de Staatsmijnen zijn.
Deze nacht hebben de Tommies weer geweldig gevlogen. Ik lag juist in bed toen de sirenes in Duitsland gingen en een kwartier later ronkten de eerste vliegtuigen al over ons huis. Ik zei tegen Emma: "Ik zal me maar weer aankleden," maar er kwamen er niet veel en ik ging aangekleed op bed liggen.
Om twee uur werd ik wakker van het vliegtuiglawaai en het gedonder van het afweergeschut. Ik keek eens uit het raam en plotseling klonk er geknetter van machinegeweren in de lucht. Ik zei tegen Emma, dat ze zich ook moest aankleden. Emma was nog niet aangekleed toen hier in de buurt al de sirenes begonnen te loeien. Annie was ook wakker geworden: "Papa, ik ben bang," zei ze, toen ik haar ging halen.
Op zo'n moment voel ik een geweldige haat tegen al zo'n mensen die een oorlog ontketenen, want voor de kinderen vind ik het 't ergst.
Ik pakte Annie, Emma nam Jantje en we gingen naar beneden om af te wachten wat deze nacht ons brengen zou. Het is godzijdank weer allemaal goed afgelopen. Om half vier bliezen de sirenes het veilig signaal en gingen we weer naar bed.

zondag, 16 augustus 1942
Deze hele week de dikke trui aangehad, zo koud is het geweest. Gisteren zijn Annie en ik naar Sjeng Nauts geweest. Deze nacht hebben we weer een angstig moment meegemaakt. Om drie uur werd ik wakker door het lawaai van de vliegtuigen. Ik stond op, kleedde me aan en ging uit het raam kijken naar het afweergeschut en tevens om naar een verdacht geluid van een vliegtuig te luisteren. Ik kan tegenwoordig horen wat ze van plan zijn.
Om half vier kwamen de vliegtuigen terug van Duitsland en ineens stond heel Schinveld in een helder licht alsof het dag was. Er stond een lichtkegel vlak boven ons. Nou, wat geeft zo'n ding een hoop licht. Ik luisterde scherp en daar hoorde ik een vliegtuig verdacht ronken en daar begonnen ook al de sirenes te huilen. Ik draaide Annie in een wollen deken en gaf haar aan Emma, want ik zou Jantje pakken.
Emma wilde juist met Annie naar beneden gaan, toen ik opmerkte dat het vliegtuig zich verwijderde. "Leg Annie maar weer in bed,"zei ik: "Die doet ons niets." Gelukkig was het ook zo en een kwartier later bliezen de sirenes weer veilig. Ik heb toen nog een pijpje gerookt en ben weer naar bed gegaan. Weer blij dat God ons deze nacht gespaard heeft. Was de oorlog maar afgelopen !

13 september 1942
Annie is vandaag voor het eerst naar de bewaarschool gegaan.

maandag, 5 oktober 1992
Nadat het een hele tijd rustig was geweest, is op deze avond de rust wreed verstoord.door een verschrikkelijk bombardement op Geleen, Lutterade en andere kleine dorpjes. Ik zelf heb er niet veel van gezien of gehoord.
's Avonds (ik had middagdienst), stond ik op de lift om naar boven te gaan toen plots luchtalarm werd gegeven. Een paar jongens op de kooi begonnen te lachen en zeiden ”luchtalarm ?" Ik lachte ook want ik had nog nooit ondergronds luchtalarm meegemaakt en dacht dat de een of ander met de fluit aan het spelen was. Ik voelde me echter niet op mijn gemak. De seingever liet de kooi gewoon naar boven gaan en daar aangekomen stond er een opzichter die ons gelastte allemaal direct naar de schuilkelder te gaan.
Bang te moede over Emma en de kinderen ging ik naar de schuilkelder en buiten, voor de ingang van de schuilkelder, zag ik dat de hemel roodgekleurd was en ik zag ook granaten uit elkaar barsten, met een gedonder van het zwaarste onweer.
De kelder stroomde vol mijnwerkers en mensen uit de buurt van de mijn. Het was toen half elf. Tien minuten later viel het electrisch licht uit, Ik begon de toestand somber in te zien, want dit was een teken dat het bombardement dicht in de buurt moest zijn. De twee grote ventilatoren waren ook gestopt en het werd erg benauwd in onze kelder. Ik dacht nog steeds aan Emma en aan Annie en Jantje, want die stonden nu duizend angsten uit, dat wist ik zeker.
Om twaalf uur mochten we weer naar buiten. Ik ging zo vlug mogelijk naar het badlokaal om me te wassen en nam mijn lamp mee, want nergens brandde licht. Na me een beetje afgespoeld te hebben rende ik naar buiten om mijn fiets te halen. Aan de portier vroeg ik of er in Schinveld ook iets gebeurd was. Deze stelde me gerust.
Toen ik thuis kwam was de deur gesloten en ik ben toen direct naar Liza gegaan, want ik dacht dat ze daar wel zouden zijn. En jawel hoor, de hele familie zat daar in de kamer. Jantje zat onder de tafel te spelen. Ik pakte Annie en Jantje op en zei tegen Emma: "Kom maar gauw naar huis, het is deze keer weer gelukkig goed afgelopen."
Thuis vertelde Emma mij dat het verschrikkelijk was geweest, ze had hals over kop de kinderen uit bed gehaald en in hun nachtponnetjes was ze met hen naar Liza gerend.
Om half twee 's nachts zijn we naar bed gegaan.
De volgende dag hoorde ik wat er allemaal gebeurd was. Op de mijn Maurits zijn vier bommen gevallen en hebben veel schade aangericht. Maar het ergst is de bevolking getroffen. In Geleen zijn dertig personen omgekomen. In Lutterade zestig. Een hele straat is met de grond gelijk gemaakt (treurig), al die vrouwen en kinderen die daar onschuldig zijn omgekomen. En waarom? En waarvoor?
In Brussum is een vliegtuig in de lucht uit elkaar gesrongen en de stukken liggen door heel Brunssum verspreid. Zeven lijken van Britse vliegeniers zijn geborgen. Op Het Leeuwstuk lagen vier lijken in een klaverveld.
Och, was toch die oorlog maar afgelopen, ik vind het 't ergste voor de kinderen. Maar God zij dank beseffen zij nog niet wat hun iedere dag boven het hoofd hangt.

donderdag, 15 oktober 1942
Om vijf voor half tien ging ik naar bed. Emma en de kinderen lagen er al in. Net toen ik lag, hoorde ik de vliegtuigen. Meteen kleede ik me aan en ging naar de kamer van de kinderen. 't Was toen half tien en de lucht was plots vol met het geronk van de vliegtuigen. Ik maakte Emma wakker en zei dat ze zich aan moest kleden. We pakten de kinderen uit hun bedjes, kleedden hun aan en gingen naar Liza, die heeft een goede schulkelder. Ik ging terug naar huis, als er eventueel een brandbom viel, zou ik misschien nog iets kunnen redden. Gelukkig is er niets gebeurd en na een uurtje was er ook niets meer te horen.
Ik ben Emma en de kinderen gaan halen en we zijn weer gauw in bed gekropen. Gelukkig is het weer goed afgelopen.

zondag, 25 oktober 1942
Emma's verjaardag.
Ze heeft nu de bevallige leeftijd van 37 jaar maar ze wil 't niet geloven.
Ik heb vandaag moeten werken. Na de dienst kregen we eerst pap, daarna twee pakjes sigaretten, acht stukken chocolade, één fles jenever, twee ons worst en een half pond boter. Verder nog een boterbonnetje voor een half rantsoen en voor 1000 gram broodbonnen.

zondag, 6 december 1942
St. Nicolaas. Annie en Jantje hebben geen klagen gehad. St. Nicolaas had een royale bui.
In Eindhoven is echter grote rouw in honderden gezinnen. Vandaag is Eindhoven, om twaalf uur 's middags, door de Engelsen gebombardeerd. Honderd vliegtuigen hebben hele straten met de grond gelijk gemaakt. 'Moest een aanval op de Philips-fabrieken zijn. De fabriek is ook getroffen en er is een geweldige brand ontstaan, maar de bevolking heeft het weer het meest moeten ontgelden. Al die kinderen, die blij met hun Sinterklaas-cadeautjes aan het spelen waren ... toen eensklaps hun huizen instortten. Al die kinderen, die met hun poppen en hun geschenken onder de instortende muren werden bedolven ... Het is ontzettend en ik mag er niet aan denken, want dan wordt het mij slecht. Dit is het beschaafde Europa ... Ik walg ervan.

woensdag, 9 december 1942
Vandaag heeft een van onze kippen haar eerste ei gelegd. Emma loopt wel tien keer naar het hok om te kijken of er nog eentje gelegd heeft. Ze had nu graag gehad dat onze kippen zoveel eieren als een vlinder zouden leggen.

zondag, 20 december 1942
Vandaag hebben we weer moeten werken op de mijn. 't Is vervelend, maar als het werk gereed is, dan hebben wij het ook goed. Het eerst krijgen we pap. Daarna kunnen we ons acht stukken chocolade, twee pakjes sigaretten, een half pond boter, een metworst en nog bonnetjes voor duizend gram brood en een half rantsoen boter gaan halen.
We hadden juist Annie en Jantje naar bed gebracht toen er een geweldige slag klonk, waarbij de deuren en ramen rammelden. Dat was een bom, maar ik had geen vliegtuig gehoord. Echter een paar minuten later hoorden wij ze komen en daarna kwamen er nog een paar slagen waarvan het hele huis dreunde. We hebben toen de kinderen weer opgepakt en aangekleed en zijn naar Liza gegaan. Na een uur was alles weer gelukkig voorbij.

woensdag, 10 februari 1943
Hedenavond is mijn huisgezin weer met één vermeerderd. Om half elf zei Emma: "Bernard, je moet maar de vroedvrouw gaan halen, want het wordt tijd."
Ik ging, maar was weer vlug terug. Emma zat in de grote stoel en had veel pijn. Ik ging naar boven om een handdoek te halen en toen hoorde ik Emma roepen: "Bernard, Bernhard, kom toch gauw !"
Nou, ik hals over kop naar beneden. "Kom toch gauw," zei Emma: "Ik geloof dat het kindje er al is."
"Ach wat," zei ik: "Er is je wat water weggelopen ..."
"Nee, Bernard," zei ze: "Voel maar eens."
En jawel hoor, ik had het te pakken. Ja, wat nou? Emma zat daar op die stoel en ik hield het kindje vast.
"Och juffrouw, kom toch gauw," zei Emma maar altijd.
Maar gelukkig, binnen een minuut was ze d'r al. Zij pakte snel de kleine en toen hebben we Emma in bed gedragen. Dat was nog eens een voorspoedige bevalling !
Als ons kleintje later ook zo vlug wordt, dan hebben we geen klagen.
Het was precies elf uur, toen ons dochtertje op de wereld kwam.

zondag, 14 februari 1943
Na de middag druk bezoek gehad. Ome Thei en tante Marie met hun vier kinderen. Tante Liza, tante Anna en Gerda. Buurvrouw Willems met haar kinderen. Het was een drukte van belang.
Om acht uur gingen ze allemaal naar huis. Ik heb meteen de kinderen vlug naar bed gebracht, voor Emma wat eten gemaakt en toen ons kleine Marietje gepakt en aan Emma gegeven om te drinken.
Juist was Marietje aan het drinken, toen er vliegtuigen kwamen. 't Werd al erger en erger. Eensklaps klonken er drie geweldige slagen. Ik rende naar buiten en zag een streep vuur pijlsnel door de lucht vliegen. 't Was een vliegtuig dat geraakt was. Overal in de buurt begonnen de sirenes te huilen.
"Ja," zei ik tegen Emma: "We moeten hier maar stil blijven zitten en maar afwachten of ons niets gebeurt."
Het is een rare gewaarwording als je maar gelaten moet afwachten of er iets wel of niet gebeurt. Intussen dronk ons Marietje maar door, onwetend van de angst die haar ouders uitstonden om hun kinderen.
Gelukkig bliezen om negen uur de sirenes het einde van het luchtalarm.
Het is alweer goed afgelopen. 't Vliegtuig dat geraakt is, stortte in Schinnen neer. Twee piloten zijn verbrand, eentje had alleen een verstuikte enkel en een piloot was helemaal ongedeerd.

Pasen, 25 april 1943
We hebben geen mooie Pasen. Emma ligt in bed, ze heeft een borst aan het zweren en aan beide veel pijn. Ik lijd met haar mee. Dinsdag moet ze naar het hospitaal, dan wordt ze gesneden.

dinsdag, 27 april 1943
Deze morgen heb ik Emma en Marietje naar het hospitaal gebracht. Annie is bij tante Anna, Jantje is bij tante Liza en ik ben weer helemaal alleen. Ik kan wel huilen, zo voel ik me. Maar ja, ieder huisje heeft zijn kruisje. Er zijn op het ogenblik mensen die veel, en veel meer leed hebben dan ik. We zullen maar hopen dat Emma weer vlug beter is.

vrijdag, 30 april 1943
Deze morgen hebben de mijnwerkers getaakt. Ze zijn allemaal naar huis gegaan als protest tegen het feit dat de bezetter geëist heeft dat het hele Nederlandse leger in krijgsgevangenschap naar Duitsland moet.
Ik ben ook naar huis gegaan, want ik dacht: "Dit worden relletjes en als je eenmaal ondergronds bent en ze slaan de boel aan stukken, dan ben je nog niet boven. Want staken, daar staat de doodstraf op en 't is onverantwoord tegenover vrouw en kinderen. "
Drie mijnwerkers hebben ze al doodgeschoten en indien we niet gaan werken, dan volgen er nog velen ...

zaterdag, 1 mei 1943
Vandaag ook nog thuisgebleven.

maandag, 3 mei 1943
Vandaag ben ik weer gaan werken, want ik durf niet langer thuis te blijven. Duitse soldaten zijn, met overvalwagens, overal mijnwerkers aan het oppakken en transporteren die naar Maastricht.

dinsdag, 4 mei 1943
Iedereen is weer aan het werk.

zondag, 16 mei 1943
Vandaag met Jantje naar Emma geweest. Emma maakt het goed, maar ze weet nog niet wanneer ze weer naar huis mag. Jantje slaapt op het ogenblijk bij mij in bed.

vrijdag voor pinksteren
Vandaag zijn Annie, Jantje en ik, Emma uit het hospitaal gaan halen. Ik had een taxi gehuurd, die ons kwam halen en zo reden we naar Sittard. 't Was voor de eerste keer dat Jantje in een auto zat. Nu zijn we weer allemaal thuis. Gelukkig ...

2 juni 1943
Vandaag heb ik mijn radio moeten inleveren.





10 mei 1944
Na een hele tijd niets meer geschreven te hebben, voelde ik me toch genoodzaakt op deze vierde verjaardag dat Nederland in den oorlog betrokken is, iets te schrijven over de toestand hier op het ogenblik.
Met mijn familie is alles in orde, behalve dat ik weer ziek ben en alweer vier spuitjes kreeg. Emma is mager geworden, maar ze houd zich goed. Annie ziet ook goed uit en helpt mamma al bij de afwas en met matten vegen. Jantje is een dikzak en ziet bleker uit dan Annie en is sneller moe. 't Schijnt dat hij toch niet helemaal in orde is. Marietje is een mollige dikzak. Ze heeft een paar benen om jaloers op te worden en ze doet maar altijd lachen. God zij dank, zover is alles goed. Maar we komen dan ook nog niet veel te kort.
Maar wij volwassenen, wij missen veel ! Vlees is er alleen maar op zondag, en dan ook nog maar een klein stukje, want we krijgen maar 750 gram per week, voor ons vijven. Met de boter is het ook dun. We krijgen maar een pond per week voor ons allen. Dat krijgen de kinderen bijna helemaal. Brood hebben we gelukkig nog genoeg.
Ik heb vier kippen. de eieren zijn voor de kinderen. We krijgen twee liter melk per dag, die laten we ook bijna helemaal voor de kinderen.
Maar ik wil nog niet klagen, want tot nu toe zijn we gelukkig nog altijd gespaard gebleven voor het werkelijk oorlogsgeweld. We zijn op het ogenblik geen minuut meer veilig, want de vliegtuigen vliegen dag en nacht met hun dodelijke last over ons heen en dan vallen er bommen. Nu eens hier, dan weer daar. Wordt zo'n vliegtuig afgeschoten, dan komt heel zijn bommenlast naar beneden en wee de buurt, waar zo'n monster terecht komt. Daar blijft niet veel heel !
We slapen meestal geheel gekleed en minstens vier maal per week moeten we eruit omdat het te erg wordt met de vliegtuigen. Dat vind ik erg voor de kinderen, dan slapen ze nog half en zeggen: "Ik heb slaap" of "We willen weer naar bed," onbekend met het gevaar dat boven ons raast. Onbekend met de angst die Emma en ik om hun hebben. Hoe lang nog ?
Als men wat extra's wil kopen om te eten of kleding wil kopen, dan betaalt men prijzen warvan de haren ten berge rijzen. Bijvoorbeeld:
1 ei, per stuk fl 1,75
1 pond boter fl 35.-
1 kip fl 50.-
1 konijn fl 60.-
1 brood fl 5.-
1 ons koffie fl 30.-
1 pond suiker fl 12.-
1 pakje sigaretten fl 6.-
1 paar schoenen fl 160.-
1 kostuum fl 400.-
1 paar sokken fl 10.-
1 hemd fl 40.-

zondag, 14 mei 1944
vandaag bij Sjeng Nauts op het communiefeest geweest.

donderdag, 17 mei 1944
Vandaag zijn de kuikentjes geboren. Van de tien eieren zijn er zes uitgekomen.

woensdagnacht 01 uur, op 24 mei 1944
We schrokken wakker door het angstig huilen van de sirenes. Het was een lawaai van je welste ! Het afweergeschut dreunde, alles rammelde. Emma pakte direct Annie en ik Jantje. Toen ik bijna beneden aan de trap was hoorde ik een vliegtuig neerkomen en het werd buiten heel helder. Ik legde Jantje plat op de trap en wachtte af waar het zou neerstorten. Ineens een geweldige slag en toen een ontploffing. Ik dacht dat nu alles zou instorten, maar er gebeurde gelukkig niets. De kinderen vlug wat aangekleed en haalde Emma Marietje naar beneden. Toen op een drafje naar tante Liza, de kelder in. De hele familie Zanders zat er ook al.
Na drie kwartier blieven de sirenes weer het veilig signaal. We gingen weer naar huis, maar overal in de omgeving zag men de gloed van grote branden.
We lagen ongeveer een kwartier in bed en de kinderen sliepen alweer, toen ik het in de verte hoorde rommelen.
Ik stond op en meteen begonnen ook weer de sirenes te janken. Buiten was het of een zwaar onweer woedde. Direct weer de kinderen gepakt, een deken omgeslagen en weer naar tante Liza gevlucht. Onderweg hoorden we dat ze in de lucht flink aan het schieten waren en ik zag in de verte weer een brandend vliegtuig neerstorten. De kinderen vonden het wel lollig en maakten grapjes, onbekend met het gevaar waarin we ons bevonden. Ik vond het wel goed dat die schatjes zich er niets van aantrokken.
Na twintig minuten bliezen ze weer veilig en gingen wij weer naar huis en maar hopen dat we nu rustig konden blijven liggen.
Ik hoop en bid dat deze mensenslachting toch maar gauw afgelopen mag zijn. Ik kan het niet begrijpen, niemand wil oorlog, maar toch duurt hij nou al bijna vijf jaren.

donderdag, 25 mei 1944
We sliepen tot 9 uur en werden weer gewekt door 't afweergeschut. Ik keek uit het raam en zag 17 bommenwerpers over ons huis jagen. We kleedden ons aan en gingen naar beneden. Overdag vinden wij he niet zo erg.
Vandaag heeft mijn konijn jongen gekregen, ras Hollanders.

woensdag, 21 juni 1944
Jantje heeft de mazelen gekregen (zonder bon).

zondag, 25 juni 1944
Jantje is weer beter, maar Annie ligt nu in bed met de mazelen.

donderdag, 29 juni 1944
Annie is beter, maar nu ligt Marietje met de mazelen en ze heeft het erger te pakken dan die andere twee.

vrijdag, 30 juni 1944
Vandaag, voor Marietje de dokter gehaald. Ze heeft er een longontsteking bij. Arme schat.

zondag, 9 juli 1944
Vandaag is onze Annie 5 jaar oud. Ze is een flinke meid. Voor haar verjaardag heeft ze een mooie pop gekregen, waar ze heel blij mee is.

woensdag, 19 juli 1944
Het was kwart voor acht en we lagen nog allemaal in bed (want vannacht zijn we weer een uur in de schuilkelder bij Liza geweest) toen plots de sirenes groot alarm bliezen. Emma en ik met een vaart uit bed en de kinderen gepakt en ze snel wat aangetrokken. Meteen kwamen de vliegtuigen, in groepen van 36 tot 40 stuks met korte tussenpozen, zo'n anderhalf aan een stuk. Het zijn er wel zeker duizend geweest. Het was een geronk en gedonder in de lucht dat horen en zien je verging. Anderhalf uur later kwamen die dood en verderf brengende doodskisten weer terug. Gelukkig is hier alweer niets gebeurd. Nou maar weer afwachten wat het vannacht wordt.

vrijdag, 11 augustus 1944
Ik heb middagdienst. Om half zes ging de telefoon, ik luisterde. "Of Keuzenkamp direct, met spoed naar boven wilde komen." Ik schrok en dacht meteen aan Marietje. Snel een plaatsvervanger voor mij gehaald en toen naar huis. Maar thuis was niemand. Emma was met Marietje met de ziekenauto, naar het ziekenhuis in Heerlen, meegegaan. Toen kwam moeder en vertelde mij dat Marietje kinderverlamming had. Ik kan niet meer doen dan maar hopen dat onze schat er toch niets aan mag overhouden.

maandag, 4 september 1944
Op het ogenblijk is Emma van alles aan het inpakken, om als er brand zou komen, we het snel kunnen pakken. Het is vandaag een nerveuze dag geweest, want 's morgens vroeg kwamen terugtrekkende Duitse soldaten hier langs. Men vertelde dat de Amerikanen al in Maastricht waren, de mijnwerkers hebben niet gewerkt en iedereen is in bange afwachting op wat er nu gaat gebeuren.
Ik ben vanmorgen naar de dokter geweest en heb daar naar het ziekenhuis opgebeld, of ik Marietje kan komen halen. Want in deze spannende tijd hebben wij haar graag bij ons, maar het mag nog niet.
Zojuist heeft de radio bekend gemaakt, dat in Nederland de uitzonderingstoestand is afgekondigd. We moeten nu al 's avonds om acht uur van straat en mogen er niet meer dan vier personen bij elkaar staan. Er kan meteen geschoten worden. Wat een toestand in ons beschaafde Europa ! We moeten maar afwachten wat er gaat gebeuren.

zondag, 17 september 1944
De hele morgen zijn er al vliegtuigen aan het cirkelen. Om een uur ben ik op een geleende oude fiets naar Heerlen gereden. 't Was overal een nerveuze stemming. Ik was pas in Brunssum toen een vrouw al tegen me zei: "Mijnheer, keert U maar om, want niemand komt Heerlen binnen."
Ik ben doorgereden. Daarna hebben zeker nog dertig mensen tegen me gezegd: "Draai om mijnheer, U rijdt het gevaar tegemoet." Maar ik reed door, vastbesloten om als het even ging om in Heerlen te komen.
Ik kwam langs het station van Heerlen, dat in brand stond. Ik reed door naar het ziekenhuis. Het schieten kwam steeds dichterbij. Ik gooide de fiets tegen de muur en ging naar de zuster en vroeg of ik Marietje mee naar huis mocht nemen.
"Hoe krijgt U haar thuis?" vroeg de zuster.
"Zuster, leent U mij een deken, dan komt dat best voor elkaar."
Nou, ik kreeg Marietje en een deken. Marietje gauw ingepakt en daar ging ik. Marietje op een arm en de fiets aan de andere kant aan de hand en maar lopen om buiten Heerlen te komen, want het schieten was al heel dichtbij. Toen gingen de sirenes van het luchtalarm loeien. Een juffrouw zei: "Mijnheer, komt U hier binnen, we hebben een goede schuilkelder. "Ik zei: "Dank U wel juffrouw, maar ik probeer met mijn schat Heerlen uit te komen."
Ik kwam Heerlen uit en toen had ik het geluk een kennis te treffen, een reus van een vent naar lichaam en geest. Hij nam Marietje van mij over en zei: "Stap maar op de fiets, ik rij wel met Marietje."
En toen zijn we gereden. Heuvel op en heuvel af, zonder stil te houden - tot thuis. Mijn kameraad met Marietje op de arm.
Toen we thuis kwamen was het een vreugde van belang, want hier had niemand op gerekend, dat ik Marietje mee zou brengen. Het was een geloops van belang in huis, want toen de mensen wisten dat ik van Heerlen terug was, wilde iedereen weten hoe de toestand in Heerlen was en of de bevrijders al in Heerlen waren. Ik kon hun het blijde nieuws meedelen dat de Engelsen en de Amerikanen inderdaad al in Heerlen waren.

dinsdag, 19 september 1944
Deze morgen heerste hier een nerveuze stemming want we voelden dat het vandaag spannen ging. Ik zei tegen Emma dat ze de kinderen maar snel moest aankleden en met hen naar tante Liza in de schuilkelder gaan. Ik wilde thuisblijven en als het te erg werd zou ik in de loopgraaf in de tuin gaan liggen. (ik heb namelijk een kleine loopgraaf achter in de tuin gemaakt).
Toen Emma met de kinderen weg was heb ik eerst aardappelen geschild, ze gewassen en opgezet, maar toen werd het toch tijd om de loopgraaf in te gaan, want het schieten kwam erg dichtbij.
Het is nu half twaalf en ik lig plat in mijn loopgraaf. Om me heen is het een gedaver van jewelste. Mitrailleurs ratelen, het zware geschut van de tanks dondert. Ik ben nog niet bang. Ik ga rechtop staan en zie achter op het veld al een grote brand. Het is de veldschuur van Deumens. Dan een gefluit, er vliegt een granaat over en slaat ongeveer honderd meter achter mij in. Alweer een slag, maar nu harder. Eventjes kijken. Ongeveer twintig meter links van mij ingeslagen. En plotseling weer een slag dat alles davert. Ik blijf nog maar eventjes liggen. Het derde huis naast ons heeft een voltreffer gekregen. Nu begin ik een beetje angstig te worden want het komt toch akelig dichtbij, Maar ik moet afwachten.
Op het ogenblik is het even rustig. Ik steek een sigaret op en ga naar mijn aardappelen kijken. Ze zijn gaar en ik schud ze af. Maar daar begint het leventje weer opnieuw. De kogels fluiten over me heen. het is een angstig geluid, ik blijf maar liggen en luister naar de hel, die losgebroken is.
Ik kijk op mijn horloge, half een. Een uur lig ik al hier, hoe lang nog ?
De inslagen van de artillerie zijn nu verder. Het schieten klinkt nu ook verder af.
Het is kwart over een. Schinveld is bevrijd !

zaterdag, 23 september 1944
Op het ogenblik is het half twaalf 's avond. Emma en ik zijn jiuist naar beneden gekomen want er is weer een missie Tommies overgevlogen, We stonden boven gereed om bij het geringste gevaar de kinderen te pakken.
Het is alweer goed gegaan. Eventjes was er een. benauwd moment toen een Duitse jager kwam en met zijn mitrailleur begon te knallen
We leven heel onrustig op het ogenblik. De Amerikanen hebben hier hun zwaar geschut opgesteld en het gedaver van de kanonnen werkt niet bepaald kalmerend op ons toch al zo beproefde gestel. We leven voortdurend in angst, dat de vijand aan de overkant ook begint te schieten, maar dat is nog niet gebeurd.
We zijn al de hele week van een half pondje boter aan het smeren. Nergens is boter te krijgen.
We gaan nu naar bed, maar met angst in ons hart, Wat een wereld en die noemt zich nota bene beschaafd.

dinsdagavond, 26 september 1944
Op het ogenblik schudden alle deuren en ramen van de luchtdruk, veroorzaakt door de zware artillerie van de Amerikanen. Vandaag is weer een nerveuze dag geweest. De hele dag waren alle batterijen aan het vuur braken en onafgebroken vlogen de vliegtuigen heen en terug. Heel kort in de buurt gooiden ze hun ontplofbare stoffen uit. Ik was niets op mijn gemak en nou nog niet. Zelfs onze hond heeft al de hele dag zijn staart tussen de achterpoten en weet niet meer waar hij zich moet verstoppen van angst.
Weer davert een salvo over ons huis, het is ontzettend dof gebulder en 't gesuis van lucht. Een geluk is dat de kinderen niet bang zijn en gerust doorslapen. Emma en ik zijn nu al tien dagen niet meer uit de kleren geweest.
We hebben nog steeds geen boter. De kinderen krijgen hun boterhammen gesmeerd met een gekookt eitje en Emma en ik met wat kunsthoning.
We gaan maar weer naar bed, ik wil graag slapen maar ook wakker blijven om direct gereed te zijn als er iets gebeurt.
Op het ogenblik brommen er weer vliegtuigen, nu maar afwachten wat dat wordt.

donderdag, 5 oktober 1944
De Amerikanen hebben hun ofensief tegen de Siegfriedlinie ingezet. Vlak bij ons in de buurt. Op het moment dat ik dit schrijf hebben ze Urbach bereikt. Het gebulder der kannonnen in vandaag nog geen moment verstomd, het is vreselijk. Gisteren en vandaag zijn de Amerikanen hier langs naar het front getrokken. Tank na tank, kwam hier voorbij daveren. Er scheen geen einde aan te komen, wat hebben deze Amerikanen toch een materiaal !
Vandaag zijn we twee keer naar de kelder gevlucht. Een keer 's middags. Toen kwamen er Duitse jagers aanvliegen en het afweer begon direct te vuren. Ik pakte Jantje, die niet wist wat er gebeurde en duwde hem in mijn loopgraaf en ik boven op hem.
's Avonds, we waren net pap aan het eten, loeiden de sirenes weer. Er waren weer Duitsers in de lucht. Eerst joegen we de katten naar buiten en toen zijn we met de kinderen bij ons in de kelder gegaan. Na tien minuten kwam het veilig signaal.
We hebben nog steeds geen vet.

vrijdag, 6 oktober 1944
Om zeven uur ging het luchtalarm. Een paar Duitse jagers schoten hun mitrailleurs leeg boven het bos. We gingen snel met onze kinderen in de kelder. Tien minuten later was alles weer veilig.
Om elf uur, Emma en de kinderen lagen al in bed, ronkten weer vliegtuigen boven ons. Ik ging naar boven en toen ging ook alweer het luchtalarm. Snel de kinderen gepakt, wat aangekleed en weer naar de kelder bij Hens Palmen. Half uur later was alles weer veilig. Ik maakte het fornuis aan en zette een pot koffie, daarna weer naar bed.
Om half vijf het 's morgens weer luchtalarm. Er vielen bommen in de buurt. Snel weer de kinderen gepakt en wat aangekleed, maar we hoorden niks meer. Een kwartier later was alles weer veilig. Wat een nacht.

zondag, 8 oktober 1944
Van zaterdag op zondag een rustige nacht gehad, tenminste wat betreft de vliegtuigen. 't Geschut heeft de hele nacht weer gebulderd.
's Middags ben ik met Annie en Jantje naar de vliegtuigen gaan kijken. Er stonden er drie bij de steenberg en naderhand landde er ook nog een. Nou dat was wat voor de kinderen. We stonden vlakbij de machine en Jantje zei tegen de piloot: "Hello boy" en de piloot zei tegen Jantje ook: "Hello boy." Wat was Jantje blij ! Daarna zijn er twee opgestegen en zijn we weer naar huis gegaan.
Het is nu elf uur en Emma en ik willen naar bed, in bange afwachting wat deze nacht weer brengt.

donderdag, 12 oktober 1944
De hele dag was er bedrijvigheid in de lucht van vliegtuigen. Ze vliegen allemaal naar Aken. De stad wil zich niet overgeven en nou wordt ze met de grond gelijk gemaakt. Het is nu tien uur 's avonds en ik ben juist even buiten geweest. Boven de stad Aken hangt een vuurgloed, die tot hier te zien is. Het is ontzettend wat die mensen daar meemaken en waarom? De deuren en ramen rammelden de hele dag en nacht van de luchtdruk der kanonnen.
Ik hoor weer vliegtuigen. 's Avonds voel ik me niet op mijn gemak want dan komen de Duitse vliegtuigen en daar kan men van alles van verwachten. Maar weer afwachten. Wat een tijd ...

dinsdagavond, 31 oktober 1944
Ik ben juist naar beneden gekomen want er is weer wat overgekomen, Zeker wel duizend vliegtuigen. De ramen rammelden van het gedaver der motoren. De kinderen sliepen gewoon door. Wat een tijd. We zijn nu wel bevrijd, maar dat is dan ook alles. Men leeft dag en nacht in angst.
Deze middag gingen ineens de sirenes. Er waren acht granaten in Schinveld neergekomen, gelukkig zonder iemand te raken. Van tijd tot tijd komen vliegende bommen over en je weet nooit waar die terecht komen. Zo zit je voortduren in angst.
Ook is het knudde met de levensmiddelen, er is bijna niks meer te krijgen. We hebben al zes weken lang geen boter of vet meer gehad. In de winkel krijg je alleen nog maar stroop. Er is niets, maar dan ook niets meer te krijgen. de mijnwerkers zijn aanhoudend aan het staken. Wat een tijd, wat een tijd, maar ja - we leven nog.
Marietje kan alweer lopen. Ze slaat wel wat met haar beentje. Emma moet driemaal per week met haar naar Heerlen voor bestraling. Annie en Jantje zijn Goddank nog gezond. Maar als de toestand nog lang zo blijft, dan weet ik het wel. Tot nu toe trekken Emma en ik 't ons uit de mond en geven het de kinderen. Emma is geweldig mager geworden en ik ben al twee maanden ziek en werk niet. Op dn duur kunnen wij het ook niet meer bolwerken, maar ja - we leven nog. We moeten moed houden, de oorlog zal niet eeuwig duren, Wat een tijd ...

donderdag, 2 november 1944
Om half zes vanmiddag floten er weer een paar granaten, afkomstig van de Duitsers, over ons heen. We zijn toen snel in onze kelder gekropen. Na een kwartier was weer alles veilig.
Om zeven uur, we hadden net de kinderen naar bed gebracht, was er weer alarm. De kinderen maar weer opgepakt en aangekleed en omdat hier alles rammelde zijn we naar tante Liza gegaan. Na een half uur was weer alles veilig en hebben we de kinderen weer in hun bedjes gelegd. Wat een tijd.

vrijdag, 17 november 1944
Op dit moment is hier de hel weer losgebroken. De Amerikanen zijn weg en nou zijn de Engelsen hier en hun 150 mm geschut staat 50 meter hier vandaan. Overal in de buurt zijn alle ruiten stuk, behalve bij ons. Als het gedonder begint dan schudden de muren. Hier bij ons slapen acht Engelsen. Wij vinden het aardige kerels.

Onderstaand de bladzijde uit het dagboek waarop 5 Britse soldaten hun namen en adressen geschreven hebben




6 december 1944
Vandaag hebben we allen Sint Nicolaas geschenken gekregen van de Engelse soldaten die bij ons in huis slapen. Annie heeft een pop, een fornuisje met pannetjes en een serviesje gekregen, Jantje een jeep met aanhangwagen, Marietje een pop en een serviesje. Emma een paar pantoffels en ik 120 sigaretten en ook nog iedereen twee stukken chocolade. Het zijn prachtkerels, die Engelsen.

17 december 1944
Vandaag zijn de laatste twee Engelsen, die bij ons sliepen, vertrokken. Het waren Bob en Tom, een paar reuze kerels. Ik heb gehuild toen ze weggingen en Annie ook.
't Is op het ogenblik twaalf uur 's nachts. Annie en Jantje liggen hieronder in de kamer en Emma en Marietje boven in bed, want deze avond is heel wat loos geweest. Van zeven tot twaalf uur is al 14 maal luchtalarm geweest. Vier maal zijn we naar de kelder geweest. Het is of af en toe de hel losbreekt zo'n geknetter en gebulder is het van het afweer en de kanonnen. Eens wachten wat er deze nacht nog meer gebeurt want het duurt nog lang voordat het licht wordt.
Overdag komen de Tommies met honderden tegelijk en dan is er een gedonder in de lucht waarvan je akelig wordt. Was deze vervloekte oorlog maar ten einde. Ja, er komt een einde aan deze oorlog, maar hoe en wanneer, dat weet nog niemand. Ik ben benieuwd of we hem overleven ...
Het is zo tien over twaalf en er komt er alweer eentje oversuizen. Wat maakt dat ding een lawaai. Hij is alweer weg, maar komt terug. Weer draaide hij weg, richting Brunssum waar nu de sirenes loeien. Wat een akelig geluid. Heel flauw hoor ik nog het geronk en nu begint het afweergeschut te donderen. het is geweldig, het vliegtuig komt weer terug, wat zal hij van plan zijn? Het is altijd angstig als je zo gelaten moet afwachten of er wat gebeuren gaat.
Hij is alweer verder af, maar overal in de buurt gaan nu de sirenes. Er zijn er wel acht aan het janken.
Het was even stil, maar nu begint het lieve leven weer. Wat een spektakel! Emma is nu ook met Marietje naar beneden komen. Ik maak Annie en Jantje wakker en we gaan alweer naar de kelder.
Het is nu kwart voor een, we zijn weer boven en de kinderen slapen weer, maar de vliegtuigen zijn nog hoorbaar.
De eerste sirene blaast veilig en alles is weer stil, tot na een uurtje dan komen ze weer.
Zo is het het de hele nacht doorgegaan tot 's morgens half negen. Toen ben ik met Annie en Jantje tot tien uur naar bed gegaan.

woensdag, 20 december 1944
Het is alweer een onrustige tijd. De Duitsers hebben een geweldig offensief ingezet en staan alweer 30 km op Belgisch grondgebied en nu verwachten we allemaal dat de Duitsers vandaag of morgen weer in Schinveld arriveren. Afwchten maar. Maar het neemt niet weg dat we allemaal erg in spanning leven, benieuwd hoe dit weer zal aflopen.

zondag 24 december 1944
't Is daags voor kerstmis maar er heerst hier geen kerststemming. De oorlog woedt op zijn hevigst. De kanonnen hier in de buurt bulderen en blijven bulderen. We slapen met de kinderen in de kelder op wat stro en dekens, want twee dagen geleden gierden de granaten vanuit Duitsland hier in Schinveld neer. Het was een angstige nacht. 70 Granaten zijn hier ingeslagen, 22 huizen zijn getroffen maar gelukkig zijn geen mensenlevens te betreuren. We zijn inderdaad door het oog van een naald gekropen en nou slapen wij hier in Schinveld allemaal in de kelder . Het is te hopen dat we de kerstdagen wat rustiger kunnen doorbrengen.

van oud op nieuw 1944/45
Het is twintig over twaalf ('s nachts) en Emma en ik komen juist uit de schuilkelder, want er was weer eventjes de hel losgebroken. Om twaalf uur dacht niemand meer aan het nieuwe jaar, want toen ontploften er hier in Schinveld bommen, die door Duitse vliegtuigen waren afgeworpen. Ik hoorde het fluiten heel goed, maar nu is het weer eventjes rustig en zitten we aan tafel.
We hebben juist de sergeant, die hier bij ons is ingekwartierd. een happy New Year gewenst. Die heeft ons een whiskey geschonken. Die was goed hoor!
Op het ogenblik hoor ik weer vliegtuigen en wordt het mij raar te moede. De kanonnen hier in de buurt bulderen dat horen en zien vergaat.
"Bah, wat een wereld," zegt Emma. "Hoe zal het met ons aflopen?"
Ja, zo'n Nieuwjaar hebben we nog nooit meegemaakt. Het is ontzettend, de kinderen liggen al twaalf dagen in de kelder, want ieder moment van de dag kan de Duitser hier in de buurt een nieuw offensief inzetten. We leven hier allemaal onder hoge druk. Dat onzekere gevoel is erg afmattend, wat kan er nog gebeuen en wat zal er van ons terecht komen?
Maar ja, maar hopen dat alles goed zal gaan. Het afgelopen jaar heeft ons in het algemeen niet veel goeds gebracht, behalve dan dat we bevrijd zijn. Marietje heeft kinderverlamming gehad en is nog niet beter, maar verder zijn wij allen gezond en monter.
Het is nu afwachten wat 1945 brengt (de sirene blaast juist veilig).
Het is nu tien minuten voor een. Ik hoor weer vliegtuigen, maar Emma en ik gaan naar bed.

donderdag, 18 januari 1945
We hebben sinds zaterdag weer nieuwe soldaten in huis. Reuze goeie knullen.
Vannacht hebben we hier in Schinveld geen oog dichtgedaan. De Engelsen hebben een nieuw offensief ingezet vanaf Geilenkirchen, Sittard en Roermond en deze nacht hebben de kanonnen onafgebroken van 2 tot 10 uur 's morgens gebulderd. Het was om gek van te worden. Af en toe kwam er een Duits vliegtuig op bezoek. En de Duitse artillerie schoot ook nog eens hier naar toe. Het was een heksenketel.
Om drie uur 's nachts ben ik eens naar buiten gan kijken. Zo ver als je kon kijken was er vuur.
We zitten nu al vijf weken in de kelder en zullen er voorlopig nog wel niet uitkomen.
Om half acht vanavond kwam er een vliegende bom over. Ze vloog tamelijk laag en is hier in de buurt ergens neergekomen.





14 februari, 1945
Nadat we het enige weken tamelijk rustig hebben gehad met de Duitse vliegtuigen, is het nu weer onrustig. Sinds een paar dagen komen er hier vliegende bommen over. Om het half uur komt er eentje overgedaverd. Dan rammelen ramen en deuren.
Binnen een kwartier zijn er nu zelfs twee over ons huis gegaan. Het is alweer een tijd van angstig afwachten.
Zo lang als men ze hoort, hoeft men ze niet te vrezen, maar als de motor zwijgt dan stort ze naar beneden en ze is geladen met 1000 kg dynamiet, dus geen wonder dat we angstig zijn.
Nu zijn er ook nog vliegers in de lucht en 's avond weet je niet of het Duitsers of Engelsen zijn. Je voelt je dan niks op je gemak
Wat een tijd! Foei, wat een tijd, in deze verlichte 20ste eeuw.

Vrijdag, 4 mei 1945
Nederland is bevrijd naongeveer vijf jaren bezetting. Het is een drukte van belang. Naast de speeltuin brandt een groot vreugdevuur. Overal in de buurt loeien de sirenes, maar nu zijn we er niet meer bang voor.
We hebben een tijdje boven in het raam gezeten met Annie en Jantje. Maar bij onze grote vreugde over de bevrijding van Nederland, hebben we toch alweer een beetje verdriet, want Jantje is heel erg verkouden en dat tempert onze vreugde.
We zullen maar hopen dat onze Jan weer snel beter wordt.

dinsdag 8 mei 1945
Waar we zo lang om gesmeekt en gebeden hebben, is het thans, - na vijf jaren - vrede.
Duitsland heeft gecapituleerd. We zijn nu allemaal heel blij. Nu kunnen we tenminste weer rustig naar bed gaan.
Als het nu ook nog snel beter wordt met het eten en het roken, dan is alles weer okay.

vrijdag 31 augustus 1945
Na een hele tijd niet meer geschreven te hebben, wil ik weer eens een paar woordjes schrijven.
Vandaag is het nationale feestdag. We hebben op de mijn een halve liter jenever, 2 pakjes sigaretten, en 2 stukken chocolade gekregen. 's Morgens ben ik met Annie en Jantje naar Brunssum geweest, naar de kinderoptocht kijken. 's Middags zijn we allemaal naar Brunssum geweest, daar was een reuze optocht en 's avonds om tien uur ben ik alleen naar Brunssum gegaan om het vuurwerk te zien. Het is me tegengevallen.
Op het ogenblik is het nogal dun met het eten. Aardappelen en brood hebben we genoeg, maar dat is het dan ook en met het roken is het ook nog altijd treurig. 1 Pakje sigaretten voor 14 dagen. Zwart kosten de Amerikaanse sigaretten 20 gulden de twintig. 1 Gulden per stuk! Een fietsenband kost 100 (honderd) gulden. Een kip 40 gulden. Schoenen 150 gulden. Een paar kousen 30 gulden. Een costuum 400 gulden. Een kilo boter 60 gulden. Een ei 1 gulden.
Bijna een jaar na onze bevrijding ziet het er nog niet erg rooskleurig uit.





email me
mailbus van Sjilvends
home
Begin van Sjilvends